maandag 9 november 2009

Dat gevoel.

Vrijdagavond, rond vijf uur loop ik de straat uit. Op weg naar de bus om te gaan werken. Ik hoor hoe mijn buurman toetert en als hij vraagt of hij me even weg moet brengen kan ik natuurlijk geen 'nee' zeggen. In de auto geen ongemakkelijk stiltes, zoals ik ze ken van twee jaar geleden. Ik babbel een beetje in het rond en voor ik het weet sta ik op de bus te wachten. Ik voel me goed. Lekker in mijn vel. En voor één keer boeit het me weinig hoe ik eruit zie. Dat gevoel houd ik vast als de bus eraan komt en ik mijn hand uitsteek. Dat gevoel houd ik ook nog vast als ik tegen de buschauffeur zeg dat ik graag naar Recht van ter Leede zou willen. Maar het gevoel glipt uit mijn handen als ik snel tegenover iemand ga zitten. Dat gevoel valt keihard kapot. Het lijkt wel of de bus het platwalst, kapot maakt. De blik die het meisje tegenover me geeft, zet me weer met mijn beide voeten aan de grond. Vol minachting, walging bijna, kijkt ze me aan. Ze bekijkt mijn vieze schoenen, mijn HEMA-broek en mijn kapotte rugzak, terwijl ze daar zit met haar laktasje, hakken en merkkleding.

Met smacht wacht ik tot ze vlug op het knopje drukt om dan bij Huis Ter Leede uit te stappen. Nog maar twee haltes. Gelukkig gaat het steeds sneller en binnen no-time zijn we bij Recht van ter Leede en kan ik uitstappen. Ik wens de buschauffeur een fijne avond en stap uit. De koude novemberlucht in. Even krijg ik weer grip op het geweldige gevoel wat ik net had, heel even maar. Ik loop naar de stoplichten toe en ga staan wachten. Tot ik opschrik van een hard: 'HALLO!' Snel doe ik een stap naar voren, net voordat een fietser me omver rijdt. Zo erg stond ik toch ook weer niet in de weg?!

Bij het volgende stoplicht staan twee jongetjes. Amper 13, denk ik. Samen lopen ze met een fiets. De éne stuurt, de andere houdt de achterband omhoog. Als we over moeten steken laat het 'stoerste' jongetje het stuur los en laat de andere jongen achter met de fiets. Die tilt hem op en loopt verder. Het stoerste jongetje pakt heel ''stoer'' een sigaret uit een pakje, steekt hem op en laat nonchalant het pakje op de grond vallen. Op het bruggetje richting centrum lopen de jongetjes wel heel zacht. Het éne jongetje merkt me op. En de stoere jongen laat me erlangs. Als ik verderloop hoor ik boven het geluid van mijn iPod uit het stoere jongetje zeggen: 'Kuthoer, kuthoer, kuthoer.' Grappig om te horen hoe het vocabulair van kleutertjes tegenwoordig is. Zielig, dat ze niet beter weten. Ik loop door terwijl het stoere jongetje doorblijft roepen.

Dat gevoel, kreeg ik niet zomaar terug. Het was lang weggeweest en dat moment dat het er weer was, dat het terugwas en dat de hele wereld me niks kon schelen was geweldig. Nooit gedacht dat drie jaren in een mensenleven je totaal veranderen konden.

zaterdag 7 november 2009

Tien.

Het is al weer tien jaar geleden,
maar het voelt niet als een ver verleden.
Ik weet nog zoveel dingen, al die mooie herinneringen.
Konden die tijden maar weer tastbaar zijn,
tastbaar, in plaats van de eindeloze pijn.
In plaats van het eindeloze gemis,
maar ik weet dat het niet anders is.
Sinds tien jaar geleden, rust u in eeuwige vrede.

02-09-1925 - † 06-11-1999